Midzomernachtdroom

Gezien: vrijdag 17 augustus 2007, het Bostheater in Amsterdam:

Midzomernachtdroom van William Shakespeare,

buitenlucht: droog, windstil, volle bak.

 

 

Ooit moet ze voor de spiegel hebben staan draaien met haar heupen en haar billen: ,,Staat het leuk? Vind je het echt leuk staan?’’

 

 

Haar blinde echtgenoot schijnt toen even luidruchtig met zijn witte wandelstok met rode banden tegen de winkelvloer te hebben getikt.

Wat zoveel wilde zeggen als:,,Mooi meid, ik vind hem prachtig.’’

Prachtig was de broek allerminst.

Maar dat had later nooit meer iemand tegen haar durven zeggen.

 

Een opvallende vrouw: ietwat te fors, ietwat te lomp, een vale huidskleur en  tweekleuren haar waar een kolonie Vlaamse gaaien hun nest in hadden gebouwd, schoenen van het type pantoffel (want dat zit zo lekker) en blauwe sokken met witte stipjes.

 

Ze droeg er een paar truien, vesten en jassen (in die volgorde) overheen.

Je kunt maar beter op alles voorbereid zijn.

“t Is is Holland, man!”

 

,,Zijn haar pijpen ongelijk?’’ vraagt mijn man onschuldig.

En dat is zo.

Mijn vriendin heeft dan allang de slappe lach.

Dat houdt dan voorlopig niet meer op.

Ik ken haar.

De broek was gemaakt van fladderstof in een ondefinieerbaar motief: een wrongel van een vreemdsoortig paars met beige en iets bruins erdoor, ontworpen door haar man of dan tenminste toch door iemand anders die zichzelf vanaf dat moment ‘een wildebras’ durfde te noemen.

De pijpen zijn inderdaad ongelijk.

Maar dat komt omdat ze klem zitten in haar bilnaad.

In de opgenaaide zakken langs haar broekspijpen zit flink wat huisraad.

Dat zie je zo.

,,Pepperspray voor als ze wordt aangerand’’ weet mijn man.

Mijn vriendin heeft het dan allang in haar broek gedaan.

 

We worden ontvangen op een plankier midden in het Amsterdamse bos aan de rand van een vijver beschenen door romantisch maanlicht.

Daar staat de koffie klaar.

Het is er sprookjesachtig mooi en ik kijk wie er allemaal zoal nog meer ‘Vriend’ is van het Bostheater: een wat ouder publiek, beter in de slappewas dan de studentikoze jongelui op de vrije tribune die hun geld louter hebben besteed aan flessen wijn, doperwtjessalade en tomatentaart.

Van die generatie moet het Bostheater het dus niet hebben, begrijp ik.

Ik heb er alle begrip voor.

 

In het verhaal Midzomernachtdroom gaat het over blinde liefde, over waan en werkelijkheid en dat alles overgoten met een saus van betovering en bizarre verbeelding.

Bij vlagen heeft de voorstelling iets weg van een rockopera, soms van een sprookje.

Maar dan is er altijd Puck nog, de kwelgeest in de persoon van acteur Maarten Wansink, die ons op het hart drukt vooral voorzichtig te zijn in het bos.

Want je weet maar nooit.

 

Overgenomen uit Het Parool:

Het stuk speelt zich af in het bos, hoe toepasselijk.

De makers melden in het programmaboekje: 'Midzomernachtdroom leek altijd zo’n voor de hand liggen-
de keuze, dat het misschien daarom wel zolang heeft geduurd voor dat we een spannende en verrassende ingang in het stuk vonden.’
Dat is sowieso moeilijk, want het is ook Shakespeares vreemdste stuk. Het zijn eigenlijk drie voorstellingen door elkaar, gebaseerd op de aanstaande trouwerij van de hertog Theseus en de hertogin Hippolyta.

De jonge huwelijkskandidaten vluchten samen met twee andere jongeren het bos in om aan de eisen van hun ouders te ontsnappen.

 In dat bos repeteert een amateurvereniging.

En in dat bos leven ook nog eens de elfenkoning Oberon en zijn elfenkoningin Titania met hofhouding. De tekst is hedendaags. ‘Je praat alsof ze je in je ballen knijpen’, dat zeiden ze in Shakespeares tijd niet. Het beeld is ook hedendaags.

Het bos wordt hier verbeeld door kale balken met waaiers van betonijzers. Sanders heeft zich laten inspireren door het rauwe fotowerk van Nan Goldin en het magisch realisme van filmmaker David Lynch.
Bij haar zijn de elfen gedrochten met maskers op.

De hoofdelf heeft een kunstgrasjurk aan en is een ongrijpbare glibber. Die elfen zijn niet te vertrouwen.

Het zijn dealertjes die de jonge geliefden voorzien van genotsmiddelen.

En uit de roes lijkt geen ontsnapping mogelijk.
Alleen de muziek van Purcell, die door de hele voorstelling heen wordt gespeeld en gezongen, brengt alle bosbewoners zo nu en dan bij hun positieven.

Toch brengt het Amsterdamse Bos vooral vertier. De repetities van het amateurgezelschap zijn ronduit kluchtig met veel onhandige grote gebaren, gestruikel en versprekingen.
De Dynasty-diva’s Alexis en Krystle kunnen nog een puntje zuigen aan het hysterische harentrekgevecht tussen de jonge dames Hermia (Lottie Hellingman) en Helena (Margreet Boershoek).
 

 

 

Mijn vriendin beleeft de avond van haar leven.

Ze is nog nooit in het bostheater geweest.

We zitten nog een beetje na bij een groot vuur dat door de spelers op het terras van Café de Mug is ontstoken.

Pas na het middernachtelijk uur lopen we over het donkere bospad terug naar waar we vandaan kwamen.

En ja, daar staat ze: de mevrouw met de broek.

Een lange zwarte regenjas bedekt het grootste deel van haar lichaam.

Een pompeuze figuur in het holst van de nacht.

,,Is ze al aangerand of moet het nog komen?’’ vraagt mijn man.

Hij maakt zich als een haas uit de voeten.

TERUG