De strijd tegen de tijd 

Nederland vergrijst.

En de ellende is: ik ook.

Om dat tegen te gaan leg ik iedere keer grif 99 euro neer om toch vooral ‘dat zwartje’ te mogen blijven.

Het is water naar de zee dragen. Oftewel: vechten tegen de bierkaai.

De uitgroei zet meedogenloos door, het fut- en slap worden ook, maar ik ben strijdvaardig als een ridder in de middeleeuwen, ik geef niet op.

Afgelopen zaterdag dus maar weer opnieuw in de spiegel van de kapper gekeken.

De schrik was groot.

Worden die meisjes nou steeds jonger of lijkt dat alleen maar zo?

Met zo’n zwarte cape om degenereer ik meteen tot een oud besje met rimpels en een frons.

Waren mijn ogen vanochtend ook al zo flets? En had ik niet gewoon even wat lippenstift op kunnen doen?

Met dichtgeknepen billen kijk ik de kapsalon in, hopend dat er niemand zit die ik ken. Voor het komende uur wil ik liever even niet bestaan. 

 

,,Het grijs zet nu helemaal door’’ zegt het jonge kapstertje blij. Dom kind, denk ik gemeen. Jij moet nog een hoop leren.

,,Ik ga de aanzet aanzetten met R5 en dan doe ik er GB 4 overheen en dan adviseer ik u wat highlights met B3.’’

Ik heb geen idee waar ze het over heeft, maar ik zeg  ‘ja, doe maar’ en ik bid en hoop dat deze martelgang niet al te lang duurt. ,,Gaat u maar bij de wasbak zitten.’’

 

Ik zie mezelf al lopen, met mijn man in de supermarkt. Ik een grijs permanentje. Hij stram en kaal. Hij ontleent steun aan het winkelwagentje terwijl ik per ongeluk met mijn rollator tegen een kist sinaasappelen oprij. ,,Kijk nou toch uit’’ zegt hij misprijzend. En als ik mijn hand uitsteek naar een aubergine is het commentaar niet van de lucht. ,,Nee, dat hebben we niet nodig. Neem die bloemkool maar. Die is in de ruk (reclame)’’.

 

Ik heb nooit een hekel gehad aan boodschappen doen. Het bestuderen en uitproberen van nieuwe producten vind ik (nog steeds) een uitdaging.

Dat komt zo. Pas getrouwd kreeg ik wekelijks een reclame krantje in de brievenbus van de 4 = 6, een bekende supermarktketen in die tijd. Twee dagen later kwam de supermarktjongen dan het boekje ophalen bij mij thuis.

 Ik was net 18 en had geen benul. Daarom vulde ik iedere week op mijn boodschappenboekje één product in dat ik niet kende. Om de wereld te leren kennen, zeg maar. Zo heb ik kennis gemaakt met cervelaat, kaakjes, durex, griesmeel.

Een leerzame periode.

 

,,U mag weer terug naar uw stoel’’ schut de kapster me wakker. ,,Het is goed gelukt. Vooral de highlights.’’ Ik zie ze niet maar van het woord alleen al knap ik op.

De strijdlust krijgt weer de overhand. Het zal me toch de donder halen.

Wat nou oud en der dagen zat! Ik ga leven, genieten, ontdekken, ervaren.

En dan loop ik maar een paar keer met mijn kop tegen de muur. Alles beter dan voor de buis zitten en lingo kijken.

 

Ik stift mijn lippen, recht mijn rug en bel mijn vriendin:,,Als je me zoekt, ik zit buiten op het terras bij het Gulden Vlies!’’

Ik zet mijn Bijenkorf zonnebril op en stap de zonovergoten zaterdag in. Het is herfst, maar voor mij is het zomer. En dáár valt mee te leven!’’

terug